Is de parkinson van mij?

Ik onderhoud mijn auto, en ik ben niet mijn auto. Ik onderhoud mijn huis, en ik ben niet mijn huis.  Ik repareer mijn fiets, en ik ben niet mijn fiets. Ik verzorg mijn parkinson, en ik ben niet mijn parkinson.

Parkinson reist met me mee zoals een vriend meereist op vakantie. Ik zit achter het stuur en naast mij zit mijn vriend. Hij reist een tijdje met me mee. Samen maken we er het beste van ook al weten we dat er ook tegenvallers zullen zijn. De auto vertoont onderweg gebreken, het weer valt tegen en het besproken hotel is overboekt en je vriend is ook wel eens chagrijnig of moe. Desondanks maak je er een goede tijd van. Je houdt de goede moed er in, vrolijkt je vriend af en toe op en doet gezellig tijdens het eten. Zo wordt het, ondanks de minpuntjes, toch nog een gezellige vakantie. Ben ik parkinson of reist het met me mee? Wat doet het me mij om zo te denken? En waarom zou ik er tegen vechten? Ik kan er maar beter goed voor zorgen. Iets waar je tegen vecht wordt alleen maar groter en vergt meer energie. Als Israël en Palestina bommen op elkaar gooien dan denken ze dat ze van elkaar af komen. Het tegendeel is waar, de verbinding wordt alleen maar sterker. Deze oorlog kan alleen maar doorbroken worden door een liefdevolle dialoog.

Ik speel het spel met mijn gedachten en dagelijks visualiseer ik een deel dat heet ‘parkinson’. Ik neem gewoon datgene wat in me opkomt en visualiseer ook een ander deel en dat noem ik ‘vitaliteit’. Het verrassende is dat iedere keer in mijn visualisatie het deel ‘vitaliteit’ groter is dan het deel ‘parkinson’. Dat op zich is al helpend en ondersteunend in mijn proces. Het vitale deel staat ook dichter bij me dan het deel parkinson.

Ik wordt in gedachten stil, wacht af en als vanzelf komt er een gesprek op gang tussen beide delen. Vanochtend vroeg ‘vitaliteit’ aan ‘parkinson’ wat hij vandaag nodig had. ‘Rust…’. Ik zeg dan ‘dank je wel’ tegen beide delen en weet wat die dag belangrijk zal zijn. Rust… en andere dagen komen er weer andere zaken als ‘liefde’, ‘zachtheid’, ‘compassie’…

Andere dagen komt het ook voor dat ‘parkinson’ aan ‘vitaliteit’ vraagt wat hij nodig heeft. Dan komt er soms een antwoord als ‘beweging…’ en andere dagen komen er weer andere zaken als ‘vrolijkheid’, ‘lichtheid’, ‘contact’…

Zo weet ik iedere dag waar de aandacht naar toe moet gaan.