Waarom piekeren niet helpt

piekerenLast van piekeren is een onderwerp dat nogal eens ter sprake komt bij parkinson. Ik weet niet of het echt een parkinson symptoom is maar ik hoor het vaak genoeg.

Het is niet vreemd dat wij als mensen de problemen waar we mee geconfronteerd worden graag willen oplossen. En omdat we denkende wezens zijn zetten we automatisch ons brein in werking. Daar is niets mis mee. Het wordt pas vervelend als dezelfde gedachten steeds opnieuw terugkomen zonder dat ons brein een oplossing biedt. Meestal leiden piekergedachten niet tot een oplossing. Het is net of de naald van de ouderwetse platenspeler steeds terugspringt en dezelfde gedachte telkens weer voorbij komt. Als we dat niet meer kunnen onderbreken is ons denken overgegaan in piekeren; onafgebroken repeteren van dezelfde gedachten.

En dat is precies de reden waarom piekeren niet helpt. Terugkerende gedachtes leveren meestal geen nieuwe inzichten op. Het is alsof de ruimte in ons brein steeds kleiner wordt. Alsof we in een neergaande spiraal draaien waar we niet meer uit kunnen komen. Piekeren geeft geen oplossing, denken wel. Maar, wie verstaat nog de kunst om rustig de verhelderende gedachte af te wachten? Om zich in een onbewaakt en onverwacht ogenblik te laten verrassen door een briljant inzicht? Wie durft er op te vertrouwen dat als het piekeren ophoudt, de heldere inzichten komen?

De Fransen noemen het torturer l’esprit: het martelen van de geest. Oftewel zelfkwelling.

Voor de meeste mensen zijn de avonden en nachten prima pieker momenten. Het is donker en we liggen te draaien in ons bed. Omdat piekeren een slaap-rovende bezigheid is zorgt het vanzelf voor een slaap-tekort. Daardoor komen we moe uit bed en hebben overdag onvoldoende energie om te functioneren. Dit zorgt weer voor meer gepieker en eenmaal in deze cirkel terechtgekomen gaan we zelfs piekeren over het gepieker.

Herken je dit en wil je dit gepieker wel eens doorbreken? In mijn volgende blog-artikel geef ik een paar tips.